Soms ben ik van twee landen, soms val ik ertussen

Op haar dertiende verhuisde Joke van Leeuwen met haar familie van een Gelders dorp naar Brussel. Ze belandde in een wereld waar ze de spelregels steeds net niet leek te kennen en waar ze plotseling bij een 'jullie' bleek te horen. Na talloze dichtbundels, romans en kinderboeken draait de gelauwerde schrijver dit jaar voor het eerst de camera om. Plooi u in tweeën verschijnt op 11 februari en is een bijzonder zelfportret van een eigenzinnige auteur over haar coming of age en over haar engagement met dat wat buiten de lijntjes valt.

Thema

Doe Het Toch Maar

Tags

Essay Memoirs Schrijverschap
foto: Brenda van Leeuwen

Word ILFU Member en kijk al onze programma's online terug

Nu de eerste maand gratis

Een ander perspectief

Een jaar of acht geleden kreeg ik de vraag of ik een geschenkboekje wilde schrijven voor Confituur, de verenigde onafhankelijke boekwinkels in Vlaanderen. Dat niet in de handel gebrachte boekje was, afgezien van een paar artikelen, mijn eerste autobiografische publicatie. Ik begon mijn verhaal in 1966, toen ik op mijn dertiende met het ouderlijk gezin naar Brussel verhuisde. Als kind in een ander land terechtkomen is heel anders dan als volwassene, want een kind is zich nog aan het ontwikkelen. Op mijn nieuwe Vlaamse middelbare school leerde ik, onzeker pubertje, dat mijn eigen vanzelfsprekendheden niet meer vanzelfsprekend waren en dat ik, zodra ik mijn mond opendeed en ze mijn accent hoorden, een ‘jullie’ werd, met de daarbij behorende vooroordelen. Het was voor mijn schrijverschap een prima ervaring. Nu velen blijven hangen in de eigen invalshoek, dacht ik dat een langer persoonlijk verhaal waarin het voor de verandering eens Nederlanders zijn die buitenlanders heten, misschien wat perspectieven zou kunnen helpen verleggen.

Ik heb mijn memoir Plooi u in tweeën genoemd. Dat zei de lerares die gymnastiek gaf dat geen gymnastiek meer heette. Het was een van de mededelingen die mijn zussen en ik niet meteen begrepen, zoals we wel meer niet meteen begrepen, alsof we de nieuwe spelregels nog niet kenden. Als boektitel draagt Plooi u in tweeën de dubbelheid in zich die bij mijn bestaan hoort. Dat persoonlijke verhaal wilde ik wel graag breder trekken, ik wilde dat het ook een verhaal zou worden over de stad Brussel, toen al een mengelmoes van mensen met verschillende achtergronden: Franstaligen, Nederlandstaligen, gastarbeiders, Congolezen, Europese ambtenaren en vele anderen. Ik wilde eveneens een beeld schetsen van een tijd – eind jaren zestig, begin jaren zeventig – waarin revolutionaire stappen werden gezet, maar er zoveel nog onveranderd bleef, en waarin de aanzwellende tweede feministische golf voor een nadenkend meisje een bevrijding bleek. 

Af en toe zorg ik voor uitlopers naar een nog verder verleden, zoals dat van mijn grootmoeder van vaderskant, die in een streng protestants milieu opgroeide en niet mocht doorleren, maar zich met levenswijze humor staande hield - of ik blik even naar de toekomst die we inmiddels kennen, waarin er niet veel meer over is van de destijds heersende overtuiging dat Nederland een gidsland was.

Ik koos voor hoofdstukken die telkens op bepaalde aspecten inzoomen, zoals het loskomen van oude gewoonten, of de verschillen in Vlaanderen en Brussel tussen het bijna onzichtbare protestantisme en het dominante katholicisme. Zo vond mijn vader het als ruimdenkende protestant tegen het blasfemische aan dat er bij de banketbakker kindjes Jezus van fondant werden verkocht. Of het gaat over de verschillende geschiedenislessen, want nadat we in Nederland hadden geleerd wat een held Jan van Speijk was, die begin 1831, tijdens de Belgische Opstand, op de Schelde bij Antwerpen een zelfmoordaanslag pleegde, hoorden we daarna in onze Brusselse klas dat wij ons hadden bevrijd van de Hollanders. 

In mijn schrijven zoek ik naar een evenwicht tussen ernst en, zoals Italo Calvino dat noemde, ‘nadenkende lichtheid’. Een eerdere versie van dit memoir stond in de tweede persoon, alsof de Joke van Leeuwen van boven de zeventig naar dat meisje van vroeger kijkt, maar het verhaal wordt nu toch in de eerste persoon verteld, en in de tegenwoordige tijd, waardoor de lezer dichterbij kan komen.  En wat ik belangrijk vond: er moesten veel beelden in, niet van de poserende auteur zelf, maar beelden die de verbreding van mijn verhaal versterkten. Wie is opgegroeid met de dominantie van het katholicisme, schotel ik een schema voor van vele splitsingen binnen het gereformeerdendom. En veel Nederlanders zullen er geen idee van hebben hoe agressief het FDF, het Front Démocratique des Francophones, op hun aanplakbiljetten in gotische letters tegen de Brusselse Vlamingen tekeer kon gaan.

In mijn kinderboeken staan mijn tekeningen op welbepaalde plaatsen, om in één leeslijn te worden meegelezen. Ik let erop dat nergens een zin boven een beeld wordt afgebroken om eronder weer door te gaan, want dan springen je ogen over dat beeld heen. Ik maak vaak zelf de lay-out, om die daarna door de vormgever te laten controleren. Ook voor Plooi u in tweeën deed ik dat, en hoewel het toch wat anders is gezet, staan alle beelden waar ze moeten staan om in één leeslijn te worden meegelezen, zonder dat er een zin wordt afgebroken. 

Door mijn persoonlijke geschiedenis hoor ik bij twee landen. Helaas mag ik geen twee paspoorten bezitten, volgens wie dat zo hebben bedacht. Een dubbele loyaliteit wordt vooral als een probleem gezien, niet als een verrijking die wederzijds begrip kan bevorderen. Zo werd het Nederlandse paspoort van de zich vooral Nederlander voelende Nobelprijswinnaar Andre Geim afgenomen, omdat hij in verband met het ontvangen van een Engelse prijs ook de Britse nationaliteit aannam. Graag had ik recht gehad op een dubbel paspoort: ik ben als ik mijn mond opendoe nog herkenbaar als Nederlandse, maar in België betaal ik al mijn belastingen, terwijl ik niet mag stemmen. En word ik Belgisch, dan verlies ik mijn Nederlanderschap, terwijl ik in Vlaanderen een Nederlandse auteur, tekenaar en performer word genoemd.

Soms ben ik van twee landen, soms val ik ertussen. En ik voel me meer thuis onder mensen die zich niet honderd procent thuis voelen dan onder mensen die zich zozeer in hun eigen wereld nestelen dat wie niet genoeg op hen lijken als vreemden op afstand worden gehouden. Hopelijk weet Plooi u in tweeën de lezer in Noord en Zuid het onvanzelfsprekende te tonen van wat vanzelfsprekend lijkt.

Joke van Leeuwen

Op 11 februari verschijnt 'Plooi u in tweeën', het memoir van Joke van Leeuwen

In 1966 verhuisde Joke van Leeuwen op jonge leeftijd met het ouderlijk gezin van een dorp in Noord-Holland naar Brussel. Van de ene op de andere dag kwamen zij en haar zussen op een school terecht waar andere regels en gewoontes heersten. Met haar taalvirtuositeit en beeldende kracht kijkt zij nu terug op de jaren waarin ze opeens als een vreemdeling werd gezien, en zet ze haar persoonlijke verhaal in de bredere context van een tijd en een stad in verandering. Het levert soms schrijnende, dan weer hilarische beelden op.